Triggerpoints

Pijn in je nek die uit begint te stralen naar je hoofd en je hoofdpijn geeft. Pijn in je bil die uitstraalt naar je been. Herken je dit? Dan is er kans dat je last hebt van een actief triggerpoint. 

 

Een triggerpoint is een hypergevoelige plek in een spier of het bijbehorende spierbindweefsel. Wanneer je beweegt, je de spier belast, erop duwt of soms zelfs niets doet, doet de plek ontzettend pijn. En niet alleen die plek doet pijn, triggerpoints geven ook op andere plekken pijn, met andere woorden, ze geven een uitstralende pijn.

Actieve triggerpoints zijn erg vervelend, want je kunt naast die (uitstralende) pijn ook last krijgen van spierstijfheid, spierzwakte en spierverkorting, zweterigheid of kippenvel. Vervelende klachten dus! 


Op bovenstaande afbeelding zie je de triggerpoints (kruisjes) en het bijbehorende, vaste uitstralingsgebied (blauw). 

Waar wordt een triggerpoint door veroorzaakt? Iedereen heeft ze. Ze zitten bij iedereen op dezelfde plek, en volgen vaste patronen wat betreft uitstralingspijn. Er is echter een verschil tussen slapende (latente) triggerpoints en actieve triggerpoints. Wanneer een triggerpoint ‘slaapt’ is er eigenlijk niets aan de hand. Het triggerpoint kan wat gevoelig zijn bij een beweging of wanneer erop gedrukt wordt, maar het geeft geen uitstralingspijn. Hij is niet actief. In de basis zijn alle triggerpoints slapend.

 

Ze kunnen dus actief worden, ‘getriggerd’ worden. Hier kunnen verschillende oorzaken voor zijn:

– Overbelasting, blessures, trauma’s en operaties.

– Een langdurig verkeerde houding.

– Stress, spierspanning en slaaptekort.

– Een afname van je vitaliteit door bijvoorbeeld orgaanproblemen, vitamine tekort.

 

Super vervelend allemaal. Maar net zoals slapende (latente) triggerpoints actief kunnen worden, zo kunnen actieve triggerpoints ook weer latent worden. Hier zijn verschilleden methodes en technieken voor. Een daarvan is triggerpoint therapie.

 Het doel van deze behandeling is om de gevoeligheid, de pijnlijkheid van het triggerpoint te verminderen en het triggerpoint te de-activeren. Dit wordt gedaan met een serie manuele technieken die elkaar rustig opvolgen.